menu

Nieuws

College: ‘Compensatie voor uitstel trein Brussel niet reëel’

Wijnand Nijs

BREDA - Het is niet realistisch om bij de minister om financiële compensatie te vragen voor het telkens uitstellen van de hsl-verbinding Breda-Brussel. Dat schrijft het college in antwoord op vragen van D66 en CDA.

“Het valt niet of nauwelijks te onderbouwen of het herhaalde uitstel van de treinverbinding met België direct tot economische schade leidt”, schrijft het college. “Daarnaast hebben wij geen harde aanwijzingen dat investeringen in de spoorzone vanwege het uitstel zijn afgeblazen of uitgesteld. Het lijkt ons dan ook niet haalbaar met de minister te onderhandelen over compensatie.”

Het college geeft aan dat het in april van dit jaar mede op initiatief van het ministerie van l&M een bijeenkomst heeft georganiseerd tussen een afvaardiging van het Bredase bedrijfsleven, het ministerie van l&M, NS en de gemeente Breda. “In dat overleg werd van de zijde van het bedrijfsleven benadrukt dat zij zich in het stationsgebied hadden gevestigd en investeringen hadden gedaan, vooruitlopend op de komst van de goede treinverbindingen in zowel noordelijke als zuidelijke richting.”

Vooral de directe verbindingen met Schiphol en Brussels Airport spelen daarbij een belangrijke rol, gaven de ondernemers aan. “Vanuit het ministerie werd het directe contact met het regionale bedrijfsleven erg gewaardeerd”, stelt het college, dat aangeeft al vanaf 2013 invloed uitoefenen om ‘een snelle omklap van de IC Brussel naar de HSL-Zuid te realiseren en daarmee de trein via Breda te laten rijden’.

De minister heeft toegezegd de suggestie van een shuttlebus mee te nemen in het overleg met NS. “Wij zien de resultaten van dat overleg met belangstelling tegemoet en zullen u daarover later informeren.”