menu

Nieuws

Investeer meevallers Nederland in zonnepanelen

foto
Wijnand Nijs
Zonnepanelen in Breda op het dak van Noorderlicht.
Wijnand Nijs

OPINIE - Nederland kan in tien jaar tijd de helft van zijn huishoudens voorzien van duurzame elektriciteit door meevallers te investeren in zonnepanelen. Daarmee maakt Nederland de ommezwaai van potverteren naar verdienen en haalt het de volgens Kyoto afgesproken reductie van c02-uitstoot.

Het principe is simpel. Nederland hield afgelopen jaar 4,3 miljard over. Als daarvan 2 miljard besteed wordt aan de aanschaf van zonnepanelen, dan levert dat zonder enige korting al 5.000.000 panelen op. Samen is dat goed voor een opbrengst van 1 miljoen megawat, voldoende om iets meer dan driehonderdduizend gemiddelde huishoudens van groene stroom te voorzien. Doe je dat tien jaar, dan is bijna de helft van de Nederlandse huishoudens overgeschakeld.

Inkomstenbron
Eigenlijk is het vreemd dat dit nog niet op deze schaal is gebeurd. Want de overheid rekent de burger voor dat je al na zes tot acht  jaar gaat verdienen aan je panelen. Dat wil dus zeggen dat de overheid na die periode niet alleen meevallers heeft om te investeren in nieuwe zonnepanelen, maar ook simpelweg de opbrengsten van de eerder aangeschafte panelen. Daarmee creëert Nederland met zonne-energie een nieuwe inkomstenbron als vervanging van de gasopbrengsten, een duurzame dit keer.

Als je vervolgens van elektriciteit warmte maakt, bijvoorbeeld via infraroodpanelen is meteen het probleem van de Groningers dichterbij een oplossing. Door massaal over te schakelen naar duurzame elektriciteit kan Nederland de gaswinning fors verminderen zonder er qua inkomsten op achteruit te gaan. Uiteraard moet dit nog tot achter de komma worden doorgerekend, maar het principe staat.

Waar laat je die panelen?
Waar laat je de 50 miljoen zonnepanelen die je na tien jaar hebt geplaatst? Want elk jaar moet je voor 800 hectare panelen zo’n 2400 hectare aan nieuwe ruimte vinden. Allereerst op de platte daken van alle overheidsgebouwen, scholen, universiteiten, ziekenhuizen. Daarna bijvoorbeeld langs snelwegen op geluidsschermen, als overkapping van gemeentelijke parkeerplaatsen. Kortom, waar plek is en ze niet in de weg staan.

De eerste stroomopbrengsten zijn ook voor de overheid. Want in die kantoorgebouwen is de stroombehoefte het grootst op de momenten dat de opbrengst er is: overdag. Dat maakt ook dat opslag van energie misschien niet meteen nodig is. En dat de Nederlandse staat niet al meteen te maken krijgt met gedoe rond staatsconcurrentie omdat het weer eigen energiemaatschappijen opstart.

Overigens werkt in het geval van grootverbruik de lagere energiebelasting tegen, waardoor de terugverdientijd oploopt naar meer dan vijftien jaar. Financieel aantrekkelijker, maar wellicht iets gecompliceerder: investeer 2 miljard in zonnepanelen voor particulieren en doe dat op zo’n manier dat ook lagere inkomens mee profiteren.

Werkgelegenheid
De investering in zonnepanelen is meteen een investering in de lokale economie. Bijvoorbeeld in de installatiebranche. Want al die panelen moeten neergelegd en aangesloten worden. Een mooie klus. En misschien kan het ook maakindustrie opleveren. Want met zo’n behoefte aan panelen, kan het best wel eens aantrekkelijk zijn om ze in eigen land te maken.

Daarmee plaatst Nederland zich meteen wereldwijd in de voorhoede. Export van groene energie, extra banen in de Nederlandse maakindustrie, export van zonnepanelen, het behalen van de doelstellingen van Kyoto, schonere lucht. Deze omschakeling zorgt naar verwachting voor innovatie en bijbehorende nieuwe economische groei. Duurzaam uiteraard.

Natuurlijk valt er genoeg op dit idee aan te merken. Tips, ideeën, berekeningen, kansen, bezwaren? Mail ze naar redactie@bredavandaag.nl of reageer onder dit verhaal of op onze Facebookpagina in de comments.

Wijnand Nijs