menu

Nieuws

‘Delegeren budget naar wijkraden vraagt andere rol gemeenteraad’

Vertegenwoordigers van dorps- en wijkraden tijdens een bijeenkomst in 2011.
Wijnand Nijs

BREDA - Breda delegeert voorzicht beslissingen over budget naar de wijk- en dorpsraden. Voorzichtjes, want het gaat nog om ‘klein bier’. Toch is aandacht gewenst, vindt docent bestuurskunde René van Kuijk. “De gemeenteraad moet wat vaker op haar handen blijven zitten.”

Princenhage en Prinsenbeek hebben afgelopen jaar mogen experimenteren met Breda Begroot. De dorpsraden mochten zelf in beperkte mate prioriteit aangeven in de aanpak van zaken in de buurt. De wijken golden als pilot, nu moet de rest van Breda volgen, kondigde het college afgelopen jaar aan.

Van Kuijk geeft aan dat je vanuit bestuurskundige blik deze ontwikkelingen op verschillende manieren kunt beoordelen. Goed of slecht, daarover velt hij geen oordeel. “Je ziet veel initiatieven die zich in het publieke domein afspelen, zoals energiecoöperaties. Daar moet je ook iets mee als overheid.”

Samenleving
Volgens de in Breda woonachtige bestuurskundige is het niet per se een manier om de politiek dichterbij de burger te brengen. “Het is een manier om als overheid ruimte te bieden aan initiatieven uit de samenleving.”

Het is niet alleen rozengeur. Wie een blik werpt op de samenstelling van de verschillende wijkraden ziet veel namen die vaker opduiken. “Het zijn inderdaad wel de usual suspects die je tegenkomt bij de wijkraden”, weet ook Van Kuijk. “De vraag is of dat erg is. Het gaat om de adviezen die een wijkraad geeft. Gaat het om plannen die vanuit de wijk komen en op breed draagvlak kunnen rekenen? Dan is het goed. Ik zie niet in waarom de ‘usual suspects’ dat niet zouden kunnen beoordelen.”

Niet het democratisch gehalte van de wijk- en dorpsraden is een bedreiging voor het functioneren ervan - Van Kuijk ziet niets in het optuigen van een schaduwdemocratie rond de wijkraad - maar het feit dat de raden steeds meer op hun bordje krijgen. “Ze komen daardoor steeds meer in de wind te staan. Straks ben jij het die een negatief advies geeft over de speeltuin of het opknappen van de straat in je buurt. Dan heb jij het gedaan. Dat moet je maar willen als wijkraadslid.”

We zijn er nog lang niet. Nu merk je dat de kaders en spelregels nog niet duidelijk zijn

Dat Breda met twee dorpen is begonnen is verstandig, stelt hij. Want wat de proeven geven aan dat er nog stappen gemaakt moeten worden. “We zijn er nog lang niet. Nu merk je dat de kaders en spelregels nog niet duidelijk zijn. Die zullen langzaam uitkristalliseren. Met vallen en opstaan. Daarom is het goed om goed naar de succesverhalen te kijken en die uit te rollen. Maar wel geleidelijk, want het vraagt ook wel wat van de ambtelijke organisatie.”

Ook de verwachtingen van wat een wijkraad aankan, moeten scherp gesteld worden. “Er wordt al veel verwacht van burgers als het gaat om participatie. Zorgen voor ouders, schoffelen in de buurt. Het is niet dat er oneindig veel capaciteit aan vrijwilligers is. De participatie in Nederland is al heel hoog.”  Zie ook het verschil tussen een oude dorpskern of een stadswijk. “Die laatstgenoemde buurten kennen daar een ander soort betrokkenheid. Daar zijn minder kartrekkers en heb je de usual suspects echt nodig.”

Ondersteuning nodig
Hoe serieuzer de bedragen en de onderwerpen worden, hoe hoe meer gevraagd wordt van de wijkraadvrijwilligers. “Daar moet ook ambtelijke ondersteuning voor komen. Zoals de griffie de gemeenteraadsleden ondersteunt.” Ook in opleidingen? Van Kuijk denkt van wel. “Raadsleden krijgen ook training, bijvoorbeeld bij het beoordelen van financiën. Daar ligt een verantwoordelijkheid voor de overheid om daarvoor te zorgen.”

Wethouder Patrick van Lunteren ervoer al bij de wijkplatforms dat de leden het niet altijd plezierig vinden om verantwoordelijk gemaakt te worden voor beslissingen. Ook daar, waar over activiteitensubsidies gesproken wordt, kan de boodschap vervelend zijn voor buurtgenoten. “Dus hak ik de knoop nu alsnog door.”

De wijkraden moeten volgens Van Kuijk actiever op zoek naar representativiteit voor hun beslissingen. “Zij moeten de thermometer in de wijk houden, wat wil de buurt? Ze moeten meer communiceren. Dat vraagt wel iets van ze.”

Scheidsrechter
De gemeenteraad krijgt meer een rol als scheidsrechter. “Gaan de initiatieven in een wijk niet allemaal dezelfde kant op? Zij moeten het spanningsveld tussen algemeen belang en deelbelang goed in de gaten houden. Daarbij moet de raad vaker op haar handen blijven zitten en niet op details willen praten. De gemeenteraad moet durven loslaten. Dat wordt de grootste opgave.”

Breda Begroot is in de visie van Van Kuijk ook geen middel om de kloof tussen burger en politiek te dichten. “De vraag is of dat moet. Ik zou eerder zeggen dat de rol van scheidsrechter juist vraagt om meer distantie”